Op zaterdagochtend hing er een spookachtige mist boven de parkeerplaats bij sporthal De Hullen. De heren U18 konden dan ook niet wachten om af te reizen naar het spookhuis Kalverdijkje.Hoewel, een laatste beetje slaap moest eerst nog even uit de ogen gewreven worden.
In Leeuwarden kwamen verschrikkelijke monsters, zombies, vampiers, etcetera, ons direct al tegemoet. In het spookhuis stonden allemaal gevaarlijke toestellen waar Epke een prima oefening op zou kunnen uitvoeren. Bram riep opgelucht: “Jongens! Volgens mij hebben wij geen wedstrijd!” De heren konden niet wachten om terug te reizen naar een veilig thuis. Echter, de Rodenaren werden verbannen naar hal B. Eenmaal enigszins bijgekomen van de schrik, stonden de Friese zwartgroene monsters 18-2 voor. Remco, Jimmy en Antoine maakte de stand eind eerste kwart iets dragelijker (22-9).
De heren uit Leeuwarden hadden niet begrepen dat trick-or-treat gaat om het af en toe uithalen van een plagerijtje. Althans, in het tweede kwart was er weinig zoetigheid voor Flying Red. Mark schoot een aantal pompoenen knap binnen, maar de achterstand werd alleen maar groter (40-20).
Sander gaf bij scheidrechters aan niet gediend te zijn van hack-and-slash wedstrijden. Rond vliegende ledematen wilde hij al helemaal niet meemaken. “Als wij bloed zien, fluiten wij echt wel.” Inmiddels was Jeroen helaas al vertrokken naar het ziekenhuis. Remco zette de heren uit Roden op het goede spoor door een monsterverdediging. Op Halloween avond had hij zo de bijnaam ‘The Claw’ kunnen krijgen, maar deze schijnt al te zijn vergeven. Mede door 11 punten van Bram in het derde kwart werd de achterstand kleiner (51-37).
Zal het dan toch spoken in Fryslân? De spanning was in ieder geval ineens weer terug in de wedstrijd. Vijf minuten later, toen de mist eindelijk was opgetrokken, was de wedstrijd echter wel gespeeld (68-39). De Friezen waren duidelijk een maatje te groot. De Rodenaren waren moegestreden. Naarmate de achterstand groter werd, namen de frustraties bij Flying Red ook toe. Lambert en Merwin waren het eens: “Voor deze monsters hadden we niet bang hoeven zijn…” Eindstand: 90-47.